Prof. dr. Hans Prenen

Prof. Dr. Hans Prenen van het UZ Leuven staat ons te woord.

Wat zijn de voornaamste oorzaken van ijzertekort bij kankerpatiënten?

Vaak hebben kankerpatiënten een verminderde eetlust, waardoor ze te weinig eten. Zo krijgen ze dus ook te weinig ijzer binnen. Anderzijds kampen heel wat patiënten met bloedverlies waardoor ze ook het ijzer in dat bloed verliezen. De belangrijkste reden is echter het feit dat ze ijzer niet goed opnemen via de darm.

Dit komt omdat kankerpatiënten doorgaans kampen met chronische inflammatie. Hierbij wordt een eiwit geproduceerd dat leidt tot een moeilijke ijzeropname via de darm en het moeilijk vrijzetten van ijzer op de plaatsen in het lichaam waar het is opgeslagen. Zelfs het ijzer dat reeds aanwezig is in het lichaam kan dan dus niet worden verwerkt.

Hoe gebeurt de diagnose?

De diagnose baseert zich idealiter op drie waardes in het bloed: het serumijzer, het stapelijzer (ferritine genaamd) en de transferrine-saturatie. Serumijzer is een vrij circulerend ijzer-eiwitcomplex. Stapelijzer is het ijzer dat wordt opgestapeld in het lichaam. Transferrine ten slotte is het eiwit dat het ijzer vervoert.

Wat zijn de gevolgen van ijzertekort?

Een tekort aan ijzer, en de daar aan gekoppelde bloedarmoede, wegen zwaar op de levenskwaliteit van de patiënt. Men voelt zich slecht, is continu vermoeid, heeft minder reserves,… Bovendien werken chemo- en radiotherapie minder goed bij een tekort aan ijzer en is de prognose vaak slechter. Het is daarom zeer belangrijk dat ijzertekort en bloedarmoede worden aangepakt. Helaas wordt dit nog te vaag onderschat. Slechts bij 40% van de patiënten wordt het correct behandeld.

Welke behandelingsmogelijkheden zijn er?

Het meest ideaal is het intraveneus toedienen van ijzer. Daarbij komt het rechtstreeks terecht in de aders. Vroeger waren artsen eerder terughoudend om dit te doen omwille van de angst voor allergische reacties. Er was vaak een groot verschil in zuurtegraad waardoor ijzerpartikeltjes vrijkwamen na toediening. De nieuwe ijzerpreparaten zijn echter veel minder allergeen omdat ze beter compatibel zijn met het bloed. Bovendien is het een groot voordeel dat we op deze manier een hogere dosis kunnen toedienen, om de patiënt er zo snel bovenop te helpen.