Ondanks de hoopgevende ontwikkelingen op vlak van kankeronderzoek en -behandeling blijft het aantal nieuwe patiënten jaarlijks stijgen. Naar schatting zal dat aantal alleen maar verder toenemen. Daar zijn drie redenen voor: de bevolkingstoename, de veroudering (het risico op kanker stijgt met de leeftijd) en ongezonde leefgewoonten.
 

Nieuwe behandelingen

Het onderzoek naar kanker zet tegelijkertijd belangrijke stappen voorwaarts. België is al jaren wereldwijd voortrekker op vlak van immuuntherapie in oncologie. Binnen dit domein kunnen we rekenen op twee recente doorbraken. Enerzijds is er sprake van een relatief nieuw medicijn, meer bepaald de checkpoint inhibitoren. Normaal ‘communiceren’ kankercellen met de immuuncellen van een patiënt en leggen ze de beschermende werking van die laatste stil. Checkpoint inhibitoren grijpen in op de immuuncellen en doorbreken de blokkerende communicatie. Ze maken de immuuncellen als het ware terug wakker. Anderzijds is er de gentherapie. Hierbij worden immuuncellen van de patiënt geïsoleerd in een laboratorium. Door de toediening van een speciaal gen richten ze zich specifiek tegen kankercellen. De gemodifieerde cellen worden daarna vermenigvuldigd en terug toegediend bij de patiënt via injectie.
 

Betere opvolging


Qua kwaliteit van de zorg doet België het zeker goed in vergelijking met andere Europese landen.
 

Dankzij de moleculaire biologie hebben we bovendien een beter begrip van kanker en kunnen we de effectiviteit van een behandeling voorspellen en beter opvolgen. Afhankelijk van de resultaten kan de therapie eventueel bijgestuurd worden. Moleculaire biologie biedt ons overigens ook de mogelijkheid om data te verzamelen, niet alleen over het ziekteverloop bij de patiënt in kwestie, maar ook van soortgelijke gevallen bij andere patiënten.
 

Levenskwaliteit op lange termijn

De positieve evolutie inzake behandeling vertaalt zich eveneens in gunstige statistieken: volgens het Kankerregister overleefden de voorbije 10 jaar 350.000 mensen in België kanker. Hieronder vallen zowel patiënten die volledig genezen zijn, als patiënten die verder leven met een chronische ziekte. De toegenomen levensduur van (ex-)patiënten zorgt echter voor een nieuwe uitdaging, namelijk het laattijdig neveneffect. Jaren later kunnen therapiegerelateerde problemen opduiken, bijvoorbeeld problemen met vruchtbaarheid of de werking van het hart. Het aandachtspunt van de toekomst wordt dus levenskwaliteit op lange termijn.
 

Referentiecentra en thuiszorg

Qua kwaliteit van de zorg doet België het zeker goed in vergelijking met andere Europese landen. Toch blijft de erkenning van referentiecentra een heikel punt. Het centraliseren van alle beschikbare kennis en ervaring – in het bijzonder van zeldzame tumoren – zou nochtans de meest optimale behandeling garanderen voor elke patiënt. Een ander aandachtspunt is de opleiding van voldoende, competent medisch en paramedisch personeel. In beide gevallen speelt de overheid een belangrijke rol.