Prof. Dr. Johan Swinnen,
KU Leuven

Vijfenveertig jaar na de lancering van de oorlog tegen kanker, zijn er meer kankerpatiënten dan ooit tevoren. De impact van kanker is immens, niet alleen voor de patiënt, maar ook voor zijn of haar omgeving en voor de maatschappij. Toch zijn onderzoekers en artsen optimistisch. We staan voor een evolutie in de behandeling van kanker, maar ook voor grote uitdagingen.

Precieze en gepersonaliseerde behandeling

Recente ontwikkelingen in moleculaire analysemethoden geven ons een nooit gezien beeld van wat er precies fout loopt in tumoren. Deze kennis laat toe precisiegeneesmiddelen te ontwikkelen die specifiek gericht zijn tegen deze veranderingen en die normale cellen zo veel mogelijk met rust laten. Dit moet zorgen voor een betere respons met minimale neveneffecten. Ook chirurgie en radiotherapie worden steeds preciezer.

Omdat de ontstaans- en progressiemechanismen sterk kunnen verschillen van tumor tot tumor, is een moleculaire analyse van individuele patiënten aangewezen. Dit laat toe de kankerbehandeling meer te personaliseren. Helaas zijn er honderden moleculaire veranderingen mogelijk en voor velen hebben we nog geen precisiegeneesmiddelen. Bovendien kunnen kankercellen makkelijk ontsnappen aan deze middelen door nieuwe moleculaire veranderingen te ontwikkelen. Telkens de tumor ontsnapt, moeten we klaarstaan met een ander geneesmiddel.

Het normaliseren van de aberrante bloedvatvorming in tumoren kan helpen de toegang van geneesmiddelen te verbeteren. Via ‘checkpoint inhibitoren’ of via het herprogrammeren van immuuncellen kunnen we het eigen afweersysteem inschakelen om zo een meer duurzame onderdrukking van kanker te realiseren. Helaas werkt dit nog niet bij alle patiënten.

Met ontwikkelingskosten van 2 miljard euro voor een nieuw geneesmiddel en behandelingskosten die oplopen tot meer dan 100.000 euro per patient per jaar, rijst ook de vraag hoe we dit kunnen blijven financieren.

Verbeterde diagnose

We staan voor een evolutie in de behandeling van kanker, maar ook voor grote uitdagingen.

Diagnostische testen moeten ons voldoende informatie geven over de moleculaire samenstelling van de tumor en ons toelaten kanker vroeger op te sporen, de meest gepaste behandeling te kiezen en de respons beter op te volgen. Hierdoor kunnen we de dure behandelingen optimaal inzetten, de slaagkansen maximaliseren en de kosten beperken. Nieuwe gevoelige methoden laten toe om stoffen die kankercellen afscheiden simpelweg op te sporen via een bloedtest.

België als koploper

België speelt een wereldwijde voortrekkersrol in het oncologisch onderzoek en de ontwikkeling en implementatie van nieuwe geneesmiddelen. Er lopen hier meer dan 400 klinische kankerstudies en jaarlijks krijgen meer dan 170.000 Belgen vroegtijdig toegang tot nieuwe geneesmiddelen. Daarnaast zijn we ons beter aan het organiseren via kankercentra, waar kennis en expertise worden gecentraliseerd.

Belgische onderzoekers verliezen evenwel te veel tijd aan het bijeensprokkelen van de nodige financiering voor hun onderzoek. Ook kankercentra krijgen geen structurele steun, en bij artsen en verpleegkundigen is de werkdruk moordend. Een nauwe samenwerking tussen kankercentra, kankerorganisaties, filantropie, overheden, patiënten en de brede bevolking, zal hier deels een antwoord op kunnen bieden.